en ontvang gratis 'tips en artikelen over netwerkender werken in de publieke sector'

Onze democratische context

Op zoek naar een meer holistische kijk op ons democratische systeem. Waarin ik wat dingen uit eerdere artikelen combineer in een nieuwe volgorde. En een beeld teken dat ons in deze fase misschien weer wat verder kan helpen.

Wat er nieuw is in de netwerksamenleving ten opzichte van de klassieke verzuilde maatschappij, is dat inhoud de vorm van verenigen bepaalt. Immers: de mobilisatiekracht en verenigingskracht van de netwerksamenleving is zo groot, dat iedereen in verschillende vormen uitdrukking kan geven aan wat hij wil en wie hij is, op meer manier tegelijkertijd. Je bent meer dan je functie of rol. Als burger kun je op hetzelfde moment zowel een kiezer, als een (online) activist, als een passieve toeschouwer zijn, in verschillende domeinen en met verschillende belangen, petten, meningen, emoties.

De netwerken zijn er en ontstaan overal, en passen niet langer naadloos op de vormen die we daarvoor – zeg sinds de tijd dat Thorbecke erover nadacht – tot onze beschikking hebben. (Voor zover ze dat ooit deden , trouwens.) Deze nieuwe gemeenschapsvorming drukt ons op het belang van het onderscheid tussen bestaansgrond en bestaansrecht van publieke instituties. Want we moeten de inrichting van die instituties ter discussie mogen stellen — en daarmee hun bestaansrecht — met inachtneming van hun bestaansgrond, die we wellicht op nieuwe en minder eenvormige manieren moeten borgen.

Want de oude, vertrouwde vormen kraken. Vakbonden, woningcorporaties, toezichthoudende instanties, politieke partijen: hun bestaansgrond is evident. Maar wellicht niet: de vorm waarin ze bestaan, hun instrumenten en sturings- en governanceroutines, hun rituelen en de effecten daarvan in een netwerksamenleving.

Met participatieprocessen en een andere, ‘open’ bestuursstijl lappen we dat al een tijdje best behoorlijk op. Maar zo langzamerhand besef ik dat het symptoombestrijding is wat we doen.

De wens voor ‘meer participatie’ (die zowel bij burgers als bij de overheid en in de politiek klinkt) is een structureel en democratisch fundamenteel signaal, maar de impact van onze interventies is niet structureel noch fundamenteel.

Terwijl de problemen dat wel zijn. Want dat de systemen niet goed meer passen of werken, maakt dat we ons ervan distantieren of dat we ervan vervreemden. En dat maakt ons vervolgens machteloos om ons leven in vrijheid te leven. Of nog machtelozer. Dan zakken we in deze vicieuze cirkel.

Ik ben er geen voorstander van om dan maar de hele representatieve en overheids-structuur failliet te verklaren. Daarvoor is er veel te veel wel in orde. Maar we moeten wel de systemen zachter maken, zodat we ze beter passend krijgen op steeds veranderende situaties in de gemeenschap.

We moeten onze interventies in het democratisch proces, van participatie tot wet- en regelgeving rond nieuwe verantwoordelijkheden en governance, van scherpere diagnoses voorzien. Zodat we kunnen werken aan steeds betere democratische vormen.

We kunnen beter worden in democratie, maar alleen als we als gemeenschap beter weten wat dat dan is: democratie. Want daarop zijn we het zicht behoorlijk kwijt. (En ja, dat geldt ook en zeker voor politici/bestuurders/ambtenaren.)

Onze instituties en institutionele vormen (normen?) zijn ons inmiddels zo vertrouwd, dat ze aanvoelen als fundamenteel en onwrikbaar. Wat is democratie anders dan onze vertrouwde democratische vormen en rituelen? Stel: we zouden ze niet (meer) hebben “hoe moeten we dan publieke besluiten nemen?” of  “handelen in het algemeen belang”?

Die zoektocht is al een tijdje gaande. En we zien verschillende frames/beelden waarbinnen dat gebeurt. De indeling leefwereld/systeemwereld helpt een beetje. Representatief en doe-democratie doet ook iets. Overheid/samenleving. Net als dat de participatieladder en de overheidsparticipatietrap (van de Rob) een beetje helpen. En “het debat” als gespreksvorm, trouwens.

Ze helpen bij het scherp krijgen van de verschillende perspectieven en vormen, het in beeld brengen van verschillen, het inzicht krijgen in de verschillende mogelijkheden die we tot onze beschikking hebben om vorm te geven aan onze democratie en ‘governance’.

Waar ze niet helpen, is waar ze je dwingen om (voortijdig/vooraf/voorgoed) een “keuze” te maken, dan wel daarbij te blijven, terwijl ambiguïteit, het verduren van dilemma’s, het tegelijk bestaan van verschillende werelden/perspectieven het wezen van democratie is.

Als je (als burger of bestuurder) (vooraf/voortijdig/voorgoed) moet kiezen tussen benaderingswijzen, belemmert dat het goed functioneren. Daarin zit ook de beklemming van institutionele gebruiken en vormen en de wens tot ‘kantelen’ van velen.

Misschien helpt dit beeld ons, nu, in deze fase, een beetje.

Cirkels democratische context

1) In de kern zitten democratische waarden – ons fundament. Een kluwen van begrippen, die elk voor zich aspecten van democratie vertegenwoordigen. Want er zijn veel knoppen om aan te draaien om een proces ‘democratischer’ te maken. Die knoppen zijn de democratische waarden waarop onze samenleving gegrondvest is. Want zowel de alledaagse democratische samenleving als de democratische overheid putten uit een gemeenschappelijke bron: democratische waarden.

Wat zijn die democratische waarden — niet uitputtend 🙂

  • Burgerschap: betrokkenheid, verantwoordelijkheid, initiatief en burgermacht
  • Macht: agendavorming, doorwerking, invloed en tegenmacht
  • Inclusie: selectie en diversiteit (een fijner woord dan ‘representativiteit’)
  • Deliberatie: dialoog, discussie, debat en uitwisseling van argumenten
  • Transparantie: inzicht in het proces, informatie- en geldstromen
  • Efficiëntie: zuinig met belastinggeld en met tijd van burgers en ambtenaren
  • Proportionaliteit: streven naar de kleinst mogelijke interventie
  • Vrijheid van meningsuiting: communicatievormen en –mores, pers en belangen zonder stem
  • Legitimiteit: steun voor de uitkomst, voor het proces en voor machtstructuren. (Een bijzondere, vind ik, omdat legitimiteit eerder ‘opdoemt’ uit alles hiervoor en ook te maken geeft met ‘kenbaar zijn’ etc, dus of hij zo plompverloren in dit lijstje thuishoort, weet ik nog niet)

2) Daaromheen teken ik ons statische systeem: de wereld van de democratische instituties, de wetten en regels en het beleid. Ook de klassieke inspraakprocedures kun je hiertoe rekenen, en de beroep- en bezwaar-arrangementen, inclusief de belangen- en adviesgroepen. De formele manieren van tegenmacht: het referendum, de petitie wellicht. Convenanten en polder-akkoorden met ‘vertegenwoordigers’. De vormen waar we op kunnen bouwen, in kunnen schuilen, die een zekere mate van vertrouwdheid hebben, die ons “rustig bezit” zijn. Ook het systeem dat je niet van de ene op de andere dag wilt noch kunt veranderen. Helderheid over rollen, proces en verantwoordelijkheid is hier een pluspunt (waarmee ik inderdaad een oordeel vel over de kwaliteit van sommige “Akkoorden”).

3) Weer daaromheen maken we ons dynamische systeem, het systeem van de flexibele vormen, van de structuren die je ‘passend’ ontwerpt of die als was het uit het niets ontstaan. De creatieve vormen van communicatie en participatie.  Co-creatie, samenwerking. Vormen waarbij directe inbreng mogelijk is, niet ‘representatie namens’. Maar natuurlijk ook: vormen van verzet en actie. Tegenmacht. Initiatieven in het publieke domein die (nog) geen vaste vorm hebben. De aanvullingen op onze inspraakprocessen. Democratische signaalfunctie: als signaal van een democratisch tekort elders en/of als signaal van een vitale democratische gemeenschap. Lerend zijn is hier een pluspunt.

4) En daarbuiten zien we ons democratische gedrag, het democratische gebeuren, ons democratisch handelen, of de democratische verzilvering: zijn mensen in de gemeenschap ook vrije burgers en waar zien/horen/ruiken/voelen we dat? In de wereld van het democratisch handelen (de normale, horizontale wereld) moet je aandacht geven aan de ander in al z’n eigenaardigheden. Hele mensen, zijn we daar. Complexiteit is hier een pluspunt.

Wat gedachtes hierover:

Behoefte aan lerende systemen
In de netwerkdemocratie is een grotere behoefte aan dynamische democratische vormen, omdat de context veelvormiger is en onze systemen daarop moeten kunnen blijven passen. Lerend zijn is immers belangrijk bij verandering.

De waarden zijn vaak impliciet aanwezig
De systemen belemmeren burgers vaak het zicht op de democratische waarden. Maar ze zijn er altijd wel en veroorzaken democratische buikpijn of democratische euforie als ze ontbreken of we ze voelen.

Zowel het statische als het dynamische systeem moet zich kunnen uitdrukken in het borgen van democratische waarden. In het statische systeem is dit ooit wel gedaan (maar werkt het niet altijd meer) en kan het explicieter. In het dynamische systeem moet dit hoe dan ook gebeuren en veel vaker onderdeel zijn van de governancerituelen (democratische reflectie op gezette tijden) omdat de variatie aan netwerken en vormen steeds weer om die democratische reflectie vraagt.
We kunnen steeds minder volstaan met impliciete waarden. Waar in het verleden de statische systemen nog voldoende waren (en die immers de waarden borgden) is het nu steeds opnieuw puzzelen. Of je de puzzel democratisch gezien netjes legt, kun je niet beoordelen zonder expliciet te maken wat je beoogt. Nota bene: dit gaat dus nadrukkelijk niet alleen over bestuurders/politici/de overheid maar ook heel erg over de gemeenschap van vrije burgers die de democratie benutten.

De grilligheid is van ons
We moeten niet proberen om de grillige relaties in de gemeenschap te kopiëren in (of in de plaats zetten van) de verhoudingen in het formele democratische systeem. We moeten onderkennen dat ze tegelijkertijd bestaan, en allebei bestaansgrond hebben. Waarbij het bestuurlijke systeem zo moet worden ingericht dat die waardevolle, grillige, intermenselijke relaties in de gemeenschap ten volle kunnen ontstaan. Ja, ook tussen mensen met een ambtelijke of bestuurlijke pet op en mensen met de pet op van initiatiefnemer, of burger.

Complexiteit en de reactionaire overheid
De institutionele wereld (zowel de dynamische als de statische) maar zeker ook de markt, zijn middelen om ons gedrag productief te maken en een zo ‘een goed leven goed te leven. Andersom redeneren is reactionair. Wij burgers zien onze eigen complexiteit als een bron van mogelijkheden, en niet als een probleem. Wanneer systemen ons gedrag versimpelen, zijn ze ondemocratisch. Naarmate systemen onze grilligheid ruimte geven, zijn ze democratischer (?).

Taak bestuur: ontrommelen
(Lokale) bestuurders zijn de aangewezen personen om de overheid te verhelderen en waar nodig te ‘ontrommelen’. De bestaansgrond voor afspraken en instrumenten helder voor ogen te hebben en daar vorm aan te geven op een passende manier.De architectuur van de publieke sector transparant maken, verwachtings patronen verhelderen. Duidelijk maken waar overheden voor staan, waar middenveldorganisaties voor staan. Wat van de markt is. En dat niet door elkaar te rommelen in bestuurlijke arrangementen die zelfs de bestuurders zelf niet overzien.

De noodzaak van de democratische utopie
Het begint en eindigt – ja, de utopie – uiteindelijk bij onszelf, wij burgers. Want het zijn burgers die een democratische samenleving maken en het is in de samenleving dat we de bestaansgrond van onze democratische waarden vinden. Daar wegen we belangen af, worden besluiten niet genomen door de sterksten, word je niet uitgesloten, is er ruimte voor jouw afwijkende mening. De democratie is een optelsom van gemeenschappen van hele mensen. En het is aan ons burgers om te beoordelen of we democratisch genoeg zijn en wat we (nog nodig) hebben om vorm te geven aan onze democratie.

ps

Deze tekst tiepte ik in de trein terug uit Brussel, na een intensieve dag met gesprekken over participatie en democratie. Hij is niet af, en ik hoop dat ook jij in 2016 met me wilt optrekken om verder te denken! Gelukkig nieuwjaar!

Eerder

Meebewegend geld en legitimiteit zonder raadsbesluit

Onlangs kwam een gezelschap bijeen van bestuurders van de VNG, BZK, wethouders, raadsleden, griffiers et cetera. Het doel? Verkennen wat...
Lees meer

Ondertussen op het democratische trapveldje…

Wanneer het in die netwerkende lokale gemeenschap democratisch ingewikkeld wordt, en gaat over of iets al dan niet in het...
Lees meer

Pleidooi voor lokale democratische reflectie

We netwerken dat het een lieve lust is, en vragen ambtenaren dat ook te doen. Maar wanneer het ingewikkeld wordt...
Lees meer

Reageer

Nog geen reacties

Jij kan de allereerste zijn!

Reageer